donderdag 11 maart 2021

Intern toezicht in het funderend onderwijs: onderzoek naar kwaliteit en professionalisering

Kees van Bergen
Amsterdam: Regioplan, 2020. - 72 p.
Om zicht te krijgen op de kwaliteit en professionalisering van het intern toezicht in het funderend onderwijs en mogelijke manieren om dit te borgen werd in het voorjaar, in samenwerking met Pieter Huisman, een onderzoek uitgevoerd in opdracht van het ministerie van OCW.
Voor het uitgevoerde onderzoek is een literatuurstudie gedaan naar kwaliteitskenmerken van intern toezicht, zijn intern toezichthouders via een enquête bevraagd, aanvullende interviews met bestuurders gehouden en case studies uitgevoerd onder een aantal toezichtsorganen die al meer aandacht besteden aan professionalisering. Ook zijn experts uit het onderwijs en andere sectoren (woningbouw, zorg) benaderd om de toepasbaarheid van verschillende borgingsystemen voor professionalisering in het onderwijs te onderzoeken.
Uit het onderzoek blijkt dat er zeker oog is voor verbetering van de kwaliteit van het intern toezicht en dat er op dat vlak ook stappen zijn gezet in de afgelopen jaren. Er zijn duidelijk ook aandachtspunten, bijvoorbeeld met de in codes goed bestuur afgesproken toezichtkaders en uit te voeren zelfevaluaties. De meeste intern toezichtsorganen (met name bij grotere schoolbesturen) besteden wel aandacht aan professionalisering, maar voeren nog te weinig gericht beleid op dit terrein. Zo bestaat er vaak geen opleidingsplan, is niet altijd een afgescheiden opleidingsbudget en gevolgde professionalisering wordt vaak niet geëvalueerd. Inhoudelijk hebben intern toezichthouders momenteel vooral behoefte aan professionalisering op gebied van onderwijskwaliteit, strategievorming, proactief toezichthouden en de invulling van de netwerkrol.
Intern toezichthouders en bestuurders erkennen in de interviews het belang van de borging van kwaliteit, maar pleiten voor niet al te vergaande eisen en verplichte registratiesystemen. Mogelijke systemen waar zij wel positief tegenover staan zijn het stimuleren van zelfevaluaties, onderlinge visitaties en het aanbieden van een basiscursus toezichthouden in het onderwijs. Op basis van ons onderzoek wordt geconcludeerd dat er bij verdere professionalisering onder andere rekening gehouden moet worden met de mate van regulering, met verschillen in schaalgrootte en bestuursmodel, met verschillende ervaringsfases (instap en doorontwikkeling) en met collectieve behoeften.
Open Intern toezicht in het funderend onderwijs

Geen opmerkingen:

Een reactie posten